Nederlands
    Maak iets van je leven
    Ramadan 2002
    Totdat zij zichzelf veranderen
    Laten we in vrede samenleven
Laten we in vrede samenleven_ Deel 10
Languages>Nederlands>Laten we in vrede samenleven
التقيم الحالى لهذا المقال بناء على 0 رأى

Laten we in vrede samenleven

  Deel 10

 In de naam van Allah[1], de Erbarmer, de Barmhartige. Moge de vrede en zegeningen van Allah met Profeet Mohammed (vzzmh[2]) zijn.

 

De Profeet (vzzmh) zei dat de moslims een gemeenschap vormen en dat ze de zwakken onder hen helpen. Dit is een prachtig plaatje, maar niet te vergelijken met de realiteit van de Arabische wereld.

 

We zullen vier principes van co-existentie bespreken. Gebruik deze bij iedereen met wie je van mening verschilt: je echtgenoot/echtgenote, kinderen, baas, buren, familieleden, vrienden, ouders, verschillende wetscholen, moslims en christenen.

 

Het eerst principe luidt dat de verschillen een universeel feit zijn dat gerespecteerd moet worden. Je moet het feit dat variatie onderdeel is van ons bestaan respecteren. Het tweede laat zien dat variatie ons aanvult: het is een voordeel en geen nadeel. Het derde principe is dat een kalme en eerlijke dialoog je bij een geschil helpt om uit alle perspectieven de waarheid te halen. Er is maar één waarheid, maar het omvat veel aspecten en paradigma’s. Het vierde en laatste principe is dat je nooit het gepaste gedrag tijdens een dialoog moet vergeten. Dit zijn de vier basisprincipes van co-existentie.

 

Met betrekking tot het vierde principe: herinner je je de veldslag van de Qoeraidha stam tegen de joden? Na de Greppel slag, waren de metgezellen uitgeput en ze wilden uitrusten. Djibriel (Gabriël (vzmh)) zei tegen de Profeet (vzzmh) dat de engelen hun wapens nog niet hadden neergelegd. Aldus riep de Profeet (vzzmh) de metgezellen bij elkaar en zei dat degenen die in Allah en de laatste dag geloven, het asr gebed (namiddaggebed) niet moesten verrichten totdat ze de Qoeraidha stam bereikt hadden. De metgezellen wisten niet wat ze moesten doen: sommigen dachten dat ze het middaggebed niet moesten verrichten, totdat ze bij de stam waren. Anderen dachten dat de Profeet (vzzmh) bedoelde dat ze moesten opschieten. De Profeet (vzzmh) zei dat beiden gelijk hadden. Hij moet een van de twee dingen bedoeld hebben, maar met zijn antwoord wilde hij duidelijk maken dat verschillen een onderdeel van de menselijke aard zijn en dat ze aanvaardbaar zijn.

 

Het tweede principe duidt aan dat diversiteit in feite betekent dat we elkaar aanvullen. Neem Aboe-Bakr en Omar eens als voorbeeld (mAtmhz[3]). Op de dag van de slag bij Badr wilden de moslims weten wat ze met de krijgsgevangenen moesten doen. Aboe-Bakr adviseerde de Profeet (vzzmh) dat ze zijn volk en familieleden waren en dat hij hen moest vergeven. Omar zei dat ze ongelovig waren en de Profeet (vzzmh) gekwetst hadden, en aldus vermoord moesten worden. De Profeet (vzzmh) zei dat Allah sommige mensen goedhartig had gemaakt, zoals Aboe-Bakr. Allah heeft ook mensen gemaakt die harder zijn dan staal, zoals Omar. En beiden zijn goed voor de islaam.

 

Het derde principe toont aan dat een rustige en eerlijke dialoog ons erbij helpt om uit alle perspectieven de waarheid te halen. Een groep mensen legt hun hand op een olifant. Een van hen zegt dat de olifant slechts een romp was, de tweede zei dat het een scherpe, ivoren tand was, de derde zei dat het een immens grote pot was en de vierde zei dat het een groot lichaam was. En een olifant bestaat uit dat allemaal, dus hadden ze allen gelijk.

 

Het vierde principe gaat over het nooit vergeten van je manieren als je het oneens bent met iemand.

 

Nu zullen we ons concentreren op de ontmoeting tussen imaam Malik en imaam aboe-Haniefa. Vóór deze ontmoeting zei imaam Malik altijd: “Pas op voor de mensen van de mening.” (Aboe-Haniefa’s leerschool werd ‘De school van de mening’ genoemd.) Voorafgaand aan hun ontmoeting hadden ze elkaar veel brieven geschreven, maar ze ontmoetten elkaar pas tijdens de bedevaart.

 

Toen ze elkaar eindelijk ontmoetten, besloten ze drie kwesties te bespreken waarover zij in mening verschilden. De eerste kwestie in jurisprudentie was de benadering van hypothetische vragen: situaties die nog niet hebben plaatsgevonden. Volgens imam Maliks wetschool moeten we ons dergelijke situaties niet voorstellen of vragen stellen over situaties die nog niet bestaan, omdat dit de mensen afleidt van de reeds bestaande kwesties en het tot geschillen kan leiden.

Imaam Malik bracht verschillende Qoer’aanverzen en overleveringen naar voren als bewijs hiervoor. Hij haalde het vers aan, waarin Allah (VVIH) zegt, wat vertaald kan worden als: “Zij vragen jou (Mohammed) over de nieuwe manen.” (VBQ 2:189)

Allah (VVIH[4]) antwoordt, wat vertaald kan worden als: “Zeg: ‘Zij zijn tijdsaanduidingen voor de mensen en (voor het vaststellen van) de bedevaart.’” (VBQ 2:189)

 

Het andere bewijs dat hij naar voren bracht, was dat Omar ibn-al-Chattaab (mAtmhz) degenen vervloekte die naar situaties vroegen die nog niet plaatsgevonden hadden, en hij zei altijd: “Laat ons niet nadenken over dingen die nog niet gebeurd zijn, maar houd in plaats daarvan de mensen bezig met de waarheid.”

 

Als er mensen naar imaam Malik kwamen met hypothetische vragen, dan werd hij boos en vroeg hun om niets te vragen over wat er nog niet was gebeurd. De mensen die de vragen stelden, waren vaak afkomstig uit Irak, waar aboe-Haniefa woonde, die dit soort vragen aanmoedigde. Zijn benadering was gebaseerd op het veronderstellen van situaties die nog niet hadden plaatsgevonden. Hij maakte veronderstellingen van zo’n 60.000 situaties.

 

Tijdens hun ontmoeting keurde imaam Malik het standpunt van aboe-Haniefa af. Aboe-Haniefa antwoordde door te zeggen dat de omstandigheden in Irak anders waren dan in Medina. Irak was immers het centrum van het kalifaat, en elke dag werden er nieuwe dingen geïntroduceerd en hierop moesten ze voorbereid zijn, terwijl de problemen in Medina beperkt waren.

 

Hij gaf het voorbeeld van de vrouw wier man op reis ging en zo lang wegbleef, dat ze dacht dat hij dood was en aldus met een andere man trouwde. Aboe-Haniefa besprak met zijn leerlingen wat ze moest doen als de man plotseling weer terugkwam. Imaam Malik vroeg waarom ze zich bezig hielden met situaties die zich nog niet hebben voorgedaan, maar aboe-Haniefa vertelde dat er in Irak soldaten op veldtocht gingen, en deze situatie dus zou kunnen voorkomen en zij hierop voorbereid moesten zijn. Imaam Malik bleef stil.

 

Imaam aboe-Haniefa herinnerde hem aan wat de Profeet (vzzmh) zei toen een man tegen hem zei: “Wat als er een man komt die al mijn geld wil hebben, wat moet ik dan doen?” De Profeet (vzzmh) antwoordde dat hij het dan niet aan hem moest geven. De man vroeg daarop: “Wat als hij er met me om wil vechten?” De Profeet (vzzmh) zei dat hij dan terug moest vechten. De man vroeg: “Wat als hij me dan vermoord?” De Profeet (vzzmh) antwoordde dat hij dan een martelaar zou zijn. De man vroeg: “En wat als ik hem zou vermoorden?” De Profeet (vzzmh) antwoordde dat de man die gedood was dan gestraft zou worden in het hiernamaals.

 

Aboe-Haniefa zei dat er vier keer een hypothetische situatie aan de Profeet (vzzmh) werd voorgelegd. Toen Malik antwoordde dat dit voor een reden was, zei aboe-Haniefa: “In Irak doen we het ook voor een reden.” Toen zei al-Laith ibn-Saad: “Verheerlijkt zij Allah. Jullie verrijken de islaam.” Imaam Malik hield de mensen af van triviale kwesties en imaam aboe-Haniefa stelde toekomstige vragen om de mensen te beschermen. En dat was wat de Profeet (vzzmh) deed: hij verbood het stellen van hypothetische vragen maar antwoordde op een vraag die daadwerkelijk in de toekomst zou kunnen plaatsvinden.

 

Beide imaams bleven bij hun eigen werkwijze, maar voegden ze samen omwille van het nut voor de islaam.

 

De vier eerder genoemde principes waren zeker onderdeel van het debat. Hun meningsverschil is een natuurlijk verschijnsel, omdat de denkwijze en omgeving anders is in Irak dan in Medina. Hun meningsverschil zorgde voor een verrijking van de islaam. De rustige en eerlijke dialoog bevorderde het voorstellen van de verschillende meningen en kanten van de waarheid. De manier van converseren van de twee mannen was beschaafd, beleefd en begripvol.

 

De kwesties die ze bespraken waren niet onbetekenend. Vandaag de dag vergeten mensen de verplichte zaken met betrekking tot de eenheid van de moslims, en discussiëren over triviale zaken. Beide imaams verschilden in kernzaken, maar er was sprake van wederzijds begrip en wederzijdse liefde.

 

De tweede kwestie waarover de imaams het oneens waren, was de consensus. In de islaam kun je de oplossing voor elke vraag vinden door het in de Qoer’aan op te zoeken. Als je het daar niet vindt, dan zoek je het in de overleveringen van Profeet Mohammed (vzzmh). Als je het daar niet vindt, dan pas je de consensus van de geleerden toe.

 

Imaam Malik geloofde dat de consensus alleen door de inwoners van Medina kon worden gegeven, omdat de metgezellen van de Profeet daar hadden gewoond en gestorven waren, net als de vrouwen van de Profeet, die al zijn handelingen en daden hadden gezien. Er waren ongeveer 10.000 metgezellen.

Toen er een man naar imaam Malik kwam en hem over de meningsverschillen in bepaalde kwesties vroeg, zei hij: “Ga op zoek naar de mening van de inwoners van Medina. Als je het vindt, weet dan dat het de waarheid is.” Tegen iemand anders zei hij: “In Medina kun je kennis vinden, aangezien de Qoer’aan niet in de Eufraat geopenbaard is.” (Daarmee verwees hij naar Irak en de wetschool van aboe-Haniefa.)

 

Imaam aboe-Haniefa was 13 jaar ouder dan imaam Malik, maar desondanks respecteerde hij hem. Bij het bespreken van de consensus, zei hij: “De veroveringen tijdens de heerschappij van Omar ibn-al-Chattaab zorgden voor de verspreiding van de metgezellen over de hele wereld. Je zegt dat er in Medina 10.000 metgezellen zijn. Tijdens de laatste veldslag in het leven van de Profeet waren er 120.000 metgezellen, dus waar is dan de rest gebleven? Je kunt niet ontkennen dat Omar ibn-al-Chattaab de metgezellen bewust naar andere landen stuurde, om de mensen daar te onderwijzen.”

 

Hij noemde enkele metgezellen, zoals Moeaz ibn-Djabal, die de Profeet (vzzmh) beschreef als de slimste man die hij naar Jemen had gestuurd. Hij noemde ook Abdoellah ibn-Masoed, wiens manier van reciteren de Profeet (vzzmh) aanraadde. Hij voegde daar namen aan toe als aboe-Dhaar, Zoebair ibn-al-Awwaam, Saad ibn-aboe-Waqqas in Egypte, Hoedhaifa ibn-al-Jemen, Aboellah ibn-Masoed en Ali ibn-aboe-Talib in Irak, aboe-Oebaida ibn-al-Djaraah, Bilaal en aboe-al-Dardaa in Syrië, etc.

 

Vervolgens vertelde hij de overlevering van de Profeet waarin hij zei dat zijn metgezellen net als de sterren zijn, ze kunnen allen mensen leiden. Imaam aboe-Haniefa ging verder door te zeggen dat het dankzij de intelligentie van Omar was waardoor hij de metgezellen de wereld in stuurde en er enkele in Medina hield om zo het evenwicht te behouden. Aboe-Haniefa liet imaam Malik op deze wijze zien dat de verspreiding van de metgezellen over de wereld, omwille van de integratie van de moslimgemeenschap was.

Al-Laith ibn-Saad zei: “Bij Allah, dit is ook een integratie van de moslimgemeenschap!”

 

Als je vanuit een ander oogpunt kijkt, kun je een ander aspect van de waarheid zien. Dit is de deugd van verschillen, het helpt je om alle aspecten van de waarheid te zien. Als alle mensen dezelfde denkwijze hebben, zie je slechts een kant van de waarheid, maar Allah (VVIH) wil dat je alle kanten ziet.

 

De derde kwestie die tijdens de ontmoeting besproken werd, betrof overleveringen. Imaam aboe-Haniefa ziet de uitleg van de overleveringen zo breed, dat hij 100 lessen uit een enkele overlevering haalde. Imaam Malik vond dit overdreven en zag dit als het overbelasten van de overlevering, wat de Profeet (vzzmh) niet wilde.

 

Imaam aboe-Haniefa antwoordde dat in Irak Griekse, Romeinse en Perzische filosofieën hun intrede maakten, en dus moesten ze ervoor zorgen dat de mensen zich bleven concentreren op het pad van de Profeet. Daarom onderzocht hij de overleveringen om tegenwicht te bieden aan de nieuwe ideeën. In Medina echter, waren er alleen metgezellen en hun aanhangers, dus was er geen noodzaak tot het uitgebreid uitwerken van de overleveringen.

Al-Laith ibn-Saad zei: “Dit is ook integratie.” Beide imaams vulden elkaar aan in het behouden van de islaam.

 

Als je op een kalme en eerlijke manier je problemen met je echtgenoot of echtgenote bespreekt, zul je meer problemen oplossen. En als de politici in Irak, Darfur en Libanon dat ook doen, zullen er eveneens veel problemen opgelost kunnen worden.

 

Na de ontmoeting wilde al-Laith ibn-Saad – een Egyptische imaam wiens wetschool net zo goed was als die van de andere vier imaams, maar die geen leerlingen had om de leer te verspreiden – de indruk van beide imaams weten. Hij ging naar imaam Malik toe, die het zweet op zijn gezicht afveegde en zei: “Bij Allah, aboe-Haniefa heeft me doen zweten. Hij is een ware jurist. Ik heb nog nooit een man op die wijze zien debatteren. Bij Allah, als hij je zou vertellen dat ijzer van goud gemaakt is, zou hij je zo kunnen overtuigen.”

 

Al-Laith ging naar imaam aboe-Haniefa toe, die zei: “Ik heb met honderden mensen gedebatteerd, maar ik heb nog nooit iemand de waarheid zo snel zien accepteren, als hij.”

 

We moeten de komende generaties deze manieren leren. Het is belangrijk voor iedereen: journalisten, politici, mensen die in de media werken, geleerden, echtgenoten, echtgenotes, ouders en kinderen.

 

Wat gebeurde er toen? Imaam aboe-Haniefa stuurde zijn zoon Hammaad naar Medina toe om de juridische benadering van Malik en zijn boek al-Moewatta te leren. Imaam Malik vroeg naar de boeken van aboe-Haniefa om ervan te leren.

Mohammed ibn-al-Hassan, een leerling van aboe-Haniefa, gaf een presentatie van de benadering van Malik.

 

Op een keer vroeg Aboe-Haniefa imaam Malik om advies over een kwestie, vooraleer hij zijn mening aan het publiek verkondigde. Aboe-Haniefa geloofde niet dat een zondige persoon een ongelovige was. Imaam Malik was het daarmee eens, en dus verkondigde aboe-Haniefa zijn mening. Dit alles vond niet alleen plaats door die ene ontmoeting, maar er waren meerdere briefwisselingen die hun bijdrage leverden aan hun integratie.

 

De Abbasidische kalief al-Mansoer bood imaam Malik aan om alle andere juridische benaderingen af te schaffen en om Maliks benadering de overhand te laten hebben. Ook wilde hij zijn boeken met gouden inkt laten schrijven en ze in de Kaba bewaren.

Imaam Malik, die ooit alle andere benaderingen afwees en de mening van de inwoners van Medina liet gelden, vroeg hem om dit niet te doen, en legde dit uit aan de hand van het voorbeeld dat de metgezellen van de Profeet over de hele wereld verspreid waren. Hij gebruikte aldus de woorden die aboe-Haniefa tijdens hun ontmoeting had gebruikt.

 

Op deze wijze leren we de goede manieren voor het hebben van een meningsverschil met iemand, en leren we over de handhaving van de waarheid. We kunnen er trots op zijn dat de twee imaams onderdeel van onze moslimgemeenschap waren! Onthoud de vier principes die we geleerd hebben en probeer ze toe te passen in je leven.


 

[1] Het woord ‘Allah’ is de Arabische term voor God. Hoewel het woord vaak aan de islaam toegeschreven wordt, wordt het niet alleen door moslims gebruikt: Arabische christenen en joden gebruiken dit woord om naar de Enige God te verwijzen. Het Arabische woord geeft iets nauwkeuriger dan de Nederlandse term uitdrukking aan de unieke eigenschappen van de Enige God. Het Arabische woord ‘Allah’ heeft geen meervoudsvorm, de Nederlandse term heeft dat wel. Het woord ‘Allah’ heeft ook geen connotatie wat betreft het geslacht. Allah is de God die door alle profeten aanbeden werd, van Adam tot Noach, Abraham, Mozes, Jezus en Mohammed.

[2] Vrede en zegeningen van Allah zij met hem (salla Allahoe alaihi wa salam).

[3] Moge Allah tevreden met hem/haar/hen zijn (radi Allahoe anhoe/anhaa/anhoem).

[4] Verheerlijkt en Verheven is Hij (soebhanahoe wa ta'ala).

AmrKhaled.net © جميع حقوق النشر محفوظة
Dit artikel mag voor privé-doeleinden gepubliceerd en gekopieerd worden, zolang de oorspronkelijke bron vermeld wordt. Voor alle andere doeleinden is vooraf schriftelijke toestemming van de administratie van deze website nodig.
Voor informatie: dar_altarjama@amrkhaled.net

 

أضف تعليق
الاسم
البريد الالكترونى

*فقط من أجل التواصل ولن يتم عرضه بالموقع.
عنوان التعليق
التعليق

*الحد الأقصى للتعليق هو 750 حرف.

تعليقات الزوار

طباعة المقال
إرسال المقال لصديق
متصفح ملفات اﻷكروبات
متصفح ملفات اﻷوفيس
   Laten we in vrede samenleven_ Deel 9
   Laten we in vrede samenleven_ Deel 8
   Laten we in vrede samenleven_ Deel 7
   Laten we in vrede samenleven_ Deel 6
   Laten we in vrede samenleven_ Deel 5
جميع حقوق النشر محفوظة   Amrkhaled.net   1427 ©     هجرية     Managed By: ZADSolutions
برعاية