Nederlands
    Maak iets van je leven
    Ramadan 2002
    Totdat zij zichzelf veranderen
    Laten we in vrede samenleven
    Het paradijs in het gezin
عن عمرو خالد
ملفات خاصة
ثقافي (قلم وورقة)
تزكية (حي على الفلاح)
اجتماعي (حياتنا)
تنمية بشرية (أنت أفضل)
Laten we in vrede samenleven_ Deel 4
Languages>Nederlands>Laten we in vrede samenleven
التقيم الحالى لهذا المقال بناء على 0 رأى

Laten we in vrede samenleven

Deel 4

In de naam van Allah[1], de Erbarmer, de Barmhartige. Moge de vrede en zegeningen van Allah met Profeet Mohammed (vzzmh[2]) zijn.

Vandaag de dag zijn we niet in staat om met elkaar te communiceren en elkaar te begrijpen, vandaar deze lezingen. We moeten de kunst leren van het onderlinge begrip, communicatie met de ander en het doen ontstaan van een respectvolle dialoog.

Aboe-Haniefa is de oprichter van de eerste en beste islamitische wetschool. Profeet Mohammed (vzzmh) liet de moslims de Qoer’aan en de soenna (het voorbeeld van Profeet Mohammed) na, maar de moslims moesten ook weten hoe ze hun alledaagse problemen konden oplossen door middel van deze twee bronnen. Dat was de rol van de jurisprudentie en daar hebben de vier imaams voor gezorgd. Aboe-Haniefa heeft als enige een van de metgezellen van de Profeet, Anas ibn-Malik (mAtmhz[3]) gezien. Aboe-Haniefa staat bekend als een bijzonder persoon, en de eerste die de classificatie voor de onderwerpen in jurisprudentie heeft opgesteld. Hij was de eerste die de islamitische wet vervaardigde, en ook al publiceerde hij hier geen boek over, zijn studenten deden dat later wel.

Aboe-Haniefa keek om zich heen en zag wat de behoefte van de maatschappij was. Dit is vaak de eerste stap tot co-existentie: het bouwen van een brug naar je maatschappij toe en om je heen kijken en uitzoeken wat je kunt bieden om de behoeften van de mensen te vervullen.

Profeet Mohammed (vzzmh) woonde in de Hidjaaz[4], net als Aboe-Bakr, Omar en Othmaan (mAtmhz) dit tijdens hun bewind deden. De islamitische heerser ging vervolgens in Irak wonen, en dit werd aldus het centrum van de islamitische wereld. En daar woonde aboe-Haniefa. Tijdens zijn leven was Bagdad een internationale hoofdstad met een sterke economie. Bovendien was er sprake van een continue ontwikkeling, elke dag verschenen er nieuwe denkwijzen en uitvindingen. Mensen van verschillende rassen bekeerden zich tot de islaam, zij verbleven allen in Bagdad. Vertalingen waren in die tijd zeer belangrijk, om zo de verschillende denkwijzen uit allerlei talen naar het Arabisch te vertalen. De behoeften van de maatschappij veranderden aldus.

In de Hidjaaz was het leven stabiel en kalm. Mekka en Medina ondergingen een dergelijk proces niet. De jurisprudentie daar werd gebaseerd op de precieze bewoording van de Qoer’aan en de overleveringen van Profeet Mohammed (vzzmh). Deze benadering van jurisprudentie was gericht op de behoeften in die omgeving, maar met oog op de snelle ontwikkeling en dagelijkse veranderingen in Irak was daar een andere benadering nodig.

Aboe-Haniefa’s bijdragen

Aboe-Haniefa had een andere benadering en richtte zich op de behoeften en omstandigheden om zich heen. Hij bouwde zijn wetschool op het vergelijken van kwesties met gelijkwaardige kwesties in de Qoer’aan en soenna, om zo de dagelijkse veranderingen aan te pakken. De benadering was gebaseerd op het zoeken naar oplossingen in de Qoer’aan en soenna, en vervolgens de overleveringen van de metgezellen. Als dat niet werkte, dan moest aboe-Haniefa zijn eigen mening geven, gebaseerd op de vergelijking van het probleem met relatief gelijkwaardige problemen in de Qoer’aan en soenna, en een oplossing vinden middels analogie. Dit is de basis van juridische herleiding. De Qoer’aan en soenna zijn universeel en we kunnen er antwoorden op al onze vragen in vinden, als we ons verstand gebruiken.

Dat is de basis van de wetschool van aboe-Haniefa.

De wetschool in de Hidjaaz was het in een dergelijke mate niet met hem eens, dat zij hem zelfs beschuldigden een atheïst te zijn. Later, toen het leven in de Hidjaaz veranderde en zij dezelfde omstandigheden en veranderingen ondergingen, begrepen zij zijn standpunt pas. Het is dus belangrijk om de omstandigheden van de ander te begrijpen.

Dit was niet alles wat aboe-Haniefa deed, hij wilde dat de islaam op de behoeften vooruit liep. Hij was zeer innovatief en moedig, en dat maakte hem de beste imaam in de islaam. Hij begon problemen voor te stellen die zich in de komende 30 jaar zouden kunnen voordoen en zocht naar oplossingen ervoor. Dit noemen we ‘hypothetische jurisprudentie’. Hij sprak als eerste over een vertaling van de Qoer’aan naar verschillende talen. Hij was waarlijk een pionier door over verschillende zaken te spreken, die vandaag de dag gebeuren.

Het was geen gemakkelijke taak om aan de behoeften van een volk te denken, in de Qoer’aan en soenna naar oplossingen te zoeken, en vervolgens een juridisch oordeel te herleiden. Hij had dit nooit in zijn eentje kunnen doen. Hij was daarom de eerste om een wetschool op te richten en hij geloofde heilig in overeengekomen standpunten en samenwerking.

Een andere innovatie van aboe-Haniefa was het principe: vrijheid van denkwijze. Hij wilde zijn ideeën niet aan zijn studenten opleggen, en ze waren vrij om in alle onderwerpen met hem van mening te verschillen. Hij wilde niet dat ze klonen van hem werden, maar hij wilde dat zij hun eigen persoonlijkheid en beredenering zouden ontwikkelen. Ook al is de naam van de wetschool Aboe-Haniefa, veel ideeën verschillen van het standpunt van aboe-Haniefa zelf. Het zijn de meningen van zijn studenten, die ze hebben kunnen bewijzen.

Op deze manier zorgde hij ervoor dat de religieuze jurisprudentie de weg baande voor de ontwikkeling van andere wetenschappen. Wat hij bereikte, zorgde voor de stimulatie van het verstand, door toekomstige problemen te voorzien en met oplossingen ervoor te komen. Hij stelde ook het voorbeeld van een team dat samen ideeën kan voortbrengen. Zijn werk zorgde dus voor een wijde opleving van alle wetenschappen.

Aboe-Haniefa en as-Sjaafie waren de oprichters van de herleidende beredenering en hebben aldus meegeholpen aan de wetenschappelijke ontwikkeling die Europa op een later moment doorging. Djabir ibn-Hajaan en ibn-Roesjd (Averroes) brachten deze leer over aan het Westen. In Europa was religie in tegenspraak met de wetenschap en dit hield de ontwikkeling van de wetenschap tegen. Bij de moslims was religie echter de basis van de wetenschap.

Aboe-Haniefa’s vergaderingen

Tijdens aboe-Haniefa’s vergaderingen zaten er 40 vooraanstaande geleerden op verschillende gebieden (religieuze jurisprudentie, overleveringen van de Profeet, interpretatie van de Qoer’aan, taalkunde, poëzie, literatuur, sociale zaken enz.) op de eerste rij. Als ze onderwerpen bespraken die een andere specialiteit vereiste, dan nodigden zij een specialist uit of gingen naar hem toe. Toen ze bijvoorbeeld jurisprudentie betreffende verf bespraken, stuurde aboe-Haniefa de student Mohammed ibn-al-Hassan naar schilders toe om hen een paar weken lang te observeren, zodat ze een expert zouden hebben als ze het onderwerp bespraken.

Moslims hebben een gebrek aan dit soort samenwerking, doordat ze niet in staat zijn om naar elkaar te luisteren en in vrede met elkaar te leven. Laten we met elkaar praten en dingen met elkaar ondernemen, ook al zijn we anders. De geleerden in de Hidjaaz hielden zich aan de basis en de geleerden in Irak voorzagen de toekomst. Beiden zorgden voor het brede perspectief van het islamitisch denken. We hebben beiden nodig om de cultuur te verrijken. Verschillen zouden nooit de oorzaak voor een geschil moeten zijn, maar we zouden de diversiteit moeten accepteren en er voordeel uit moeten halen. Allah zegt, wat vertaald kan worden als: En als jouw Heer het had gewild, dan zou Hij de mensheid als (behorend tot) één godsdienst hebben gemaakt, maar zij zullen van mening blijven verschillen.” (VBQ[5] 11:118)

De vergaderingen begonnen toen aboe-Haniefa 40 jaar oud was en ze werden 30 jaar lang dagelijks gehouden, vanaf 120 n.h.[6] tot 150 n.h. De deelnemers gingen ’s ochtends naar hun werk en namen vanaf zonsondergang tot het laatste gebed deel aan de vergadering. Aboe-Haniefa ging naast de vergaderingen ook door met zijn werk als (rijke) koopman. Hij was een geleerde die een beroep uitoefende.

Tijdens de vergaderingen zat aboe-Joesoef aan zijn rechterkant en Thoefar of Mohammed ibn-al-Hassan aan de linkerkant. Ze hadden een pen en papier bij de hand. Honderden mensen zouden er vóór hen zitten. Aboe-Haniefa begon de discussie over economie, landbouw of welk onderwerp dan ook. “Wat is het standpunt van de islaam in zus en zo?” Een expert analyseerde het onderwerp vervolgens vanuit zijn standpunt en dan begon de conversatie middels de feedback van het publiek. Van degenen die de hand opstaken, mocht degene die het meest vooraan zat eerst spreken.

Aboe-Haniefa vertelde niet direct over zijn eigen ideeën. Soms vertelde hij zijn eigen standpunt, maar vroeg aboe-Joesoef om op te schrijven wat er in de vergadering overeengekomen was, wat soms verscheidene standpunten waren. De leerling aan de linkerkant maakte notulen van alles wat er in de vergadering werd gezegd, want aboe-Haniefa wilde de beweegredenen achter de verschillende standpunten uitleggen. Als de verschillen te groot waren om tot een overeenkomst te komen, vroeg hij beide partijen om te debatteren, waarbij elke partij het standpunt van de andere partij moest innemen, om zo een objectieve kijk op het onderwerp te garanderen en het juiste standpunt boven water te krijgen.

Tijdens de bedevaart besprak hij kwesties met de geleerden uit de Hidjaaz, en hij zei soms na zijn terugkomst: “Ik zei altijd zus en zo over deze regel, maar nu zie ik het anders.”

Hij heeft aboe-Joesoef een keer berispt omdat hij meteen het standpunt van aboe-Haniefa opschreef, door te zeggen: “Dat was alleen mijn standpunt. Wacht totdat we alle standpunten hebben gehoord.”

Toen hij op een keer zijn mening over een bepaalde kwestie gaf, zei een man dat hij het mis had. Weer gaf hij zijn mening en toen zei een andere man dat hij het bij het verkeerde eind had. Een oudere deelnemer aan de vergadering vroeg hoe hij dit alles toestond. Aboe-Haniefa legde uit dat dit niet in tegenstrijd is met respect en dat hij hen dat heeft aangeleerd. Hij zei een keer: “Omar aanvaardde het toen een vrouw hem corrigeerde toen hij op de preekstoel zat.”

Wat is nu jouw mening over de islamitische geschiedenis? Accepteer jij het wel eens als iemand zegt dat je het mis hebt? Leer jij de mensen om het jou te vertellen wanneer je het fout hebt?

Aboe-Haniefa vroeg op een keer tijdens de vergadering: “Stel je eens voor dat de Eufraat en de Tigris terugtrekken.” De mensen gaven ideeën van wat er dan zou kunnen gebeuren. Aboe-Haniefa zei: “En wat als de rivieren zijn teruggetrokken, er eilandjes zijn gevormd en een man een deel van het land in bezit neemt en beplant?” Het duurde even voordat ze de conclusie trokken dat dit toegestaan was, omwille van de ontwikkeling van de hele gemeenschap. Zo splitsten ze de onderwerpen in subonderwerpen op.

“Moet hij toestemming van de heerser verkrijgen?” Sommigen vonden van wel, sommigen van niet, aboe-Joesoef moest beide standpunten opschrijven.

“Wat als iemand afval in de rivieren gooit?” (Dit gebeurt tegenwoordig.) “Hij moet een waarschuwing en een boete krijgen.” Aboe-Haniefa ging vervolgens naar de heerser toe en adviseerde hem om een groep toezichthouders aan te stellen om ervoor te zorgen dat niemand afval in de Eufraat en Tigris gooit.

Een andere kwestie was dat veel niet-Arabieren zich tot de islaam bekeerden, en dus rees de vraag: “Is het toegestaan dat een niet-Arabier tijdens het gebed de Faatieha (openingshoofdstuk van de Qoer’aan) in zijn eigen taal voordraagt?” Ze besloten dat dit was toegestaan en veel mensen buiten de vergadering om waren het hier mee eens. Een boodschapper van de Hidjaaz waarschuwde er toen voor dat dit kon zorgen voor het verlies van de Arabische taal. Nadat aboe-Haniefa naar de boodschapper had geluisterd, informeerde hij de vergadering over dit standpunt. Toen besloten ze dat het is toegestaan, totdat die persoon Arabisch leert. Dan is het niet meer toegestaan.

Zie je hoe waardevol hun begrip van co-existentie was voor de mensheid? Denk er eens over na hoe jij verschillen kunt overkomen middels dialoog.

Aboe-Haniefa was niet alleen goed in het samenbrengen van de mensen, hij stond ook bekend om zijn kennis en wijsheid. Imaam Malik zei: “Bij Allah, als deze man je ervan wilde overtuigen dat een houten zuil van goud gemaakt was, dan kon hij dat.” Zijn student aboe-Joesoef zei: “We verschilden wel eens van mening met aboe-Haniefa, maar na enige tijd kwamen we weer terug bij het standpunt van aboe-Haniefa.” Thoefar zei: “We verzamelden kennis bij verschillende mensen, en we vonden het onder hen verspreid, maar we vonden alles bij aboe-Haniefa.”

As-Sjaafie zei: “Ik heb niemand op aarde gekend die beter is in het herleiden van jurisprudentie, dan aboe-Haniefa.”

De kalief al-Mansoer vroeg aan aboe-Haniefa waar hij zijn kennis vandaan had. Hij antwoordde hierop dat hij het opgedaan had door Omars metgezellen, ibn-Masoeds metgezellen en Ali’s metgezellen. Hier onderbrak al-Mansoer hem en zei: “Jij hebt genoeg kennis verzameld.”

Als ze na de vergadering, na dagen debatteren, een conclusie getrokken hadden, kwamen de mensen van buiten naar hen toe op het moment dat er “Allah is de Grootste” werd geroepen, het teken dat er een conclusie was getrokken.

Mohammed ibn-al-Hassan werd later de leraar van as-Sjaafie. Aboe-Joesoef werd de rechter voor de gehele islamitische staat en nog later de adviseur van kalief Haroen ar-Rasjied. Op het moment dat aboe-Joesoef op sterven lag, bezat hij twee miljoen dinars. Ze vroegen hem naar zijn laatste wens, en hij zei: “Ik zou er de helft van mijn rijkdom voor over hebben om een vergadering van aboe-Haniefa bij te wonen.”

Mensen worden uiteindelijk creatiever, als anderen hun ideeën respecteren…


[1] Het woord ‘Allah’ is de Arabische term voor God. Hoewel het woord vaak aan de islaam toegeschreven wordt, wordt het niet alleen door moslims gebruikt: Arabische christenen en joden gebruiken dit woord om naar de Enige God te verwijzen. Het Arabische woord geeft iets nauwkeuriger dan de Nederlandse term uitdrukking aan de unieke eigenschappen van de Enige God. Het Arabische woord ‘Allah’ heeft geen meervoudsvorm, de Nederlandse term heeft dat wel. Het woord ‘Allah’ heeft ook geen connotatie wat betreft het geslacht. Allah is de God die door alle profeten aanbeden werd, van Adam tot Noach, Abraham, Mozes, Jezus en Mohammed.

[2] Vrede en zegeningen van Allah zij met hem (salla Allahoe alaihi wa salam).

[3] Moge Allah tevreden met hem/hen zijn.

[4] Gebied in het westen van Saoedi-Arabië. De bekendste steden in het gebied zijn Mekka en Medina.

[5] Vertaling van de Betekenis van de Qoer'aan. Dit is een vertaling van wat er tot nu toe begrepen is van het gestelde Qoer'aanvers. Het lezen van de vertaalde betekenis van de Qoer'aan kan op geen enkele manier het lezen in de Arabische taal vervangen, de taal waarin het geopenbaard is.

[6] Na de hidjra (migratie) van de Profeet Mohammed (vzzmh) van Mekka naar Medina in 622 n.C.

AmrKhaled.net © جميع حقوق النشر محفوظة
Dit artikel mag voor privé-doeleinden gepubliceerd en gekopieerd worden, zolang de oorspronkelijke bron vermeld wordt. Voor alle andere doeleinden is vooraf schriftelijke toestemming van de administratie van deze website nodig.
Voor informatie: dar_altarjama@amrkhaled.net

تنبيه:لن يتم قبول التعليقات التي بغير اللغة العربية أو الانجليزية*
أضف تعليق
الاسم
البريد الالكترونى

*فقط من أجل التواصل ولن يتم عرضه بالموقع.
عنوان التعليق
التعليق

*الحد الأقصى للتعليق هو 750 حرف.

تعليقات الزوار

طباعة المقال
إرسال المقال لصديق
متصفح ملفات اﻷكروبات
متصفح ملفات اﻷوفيس
   Laten we in vrede samenleven_ Deel 14
   Laten we in vrede samenleven_ Deel 13
   Laten we in vrede samenleven_ Deel 12
   Laten we in vrede samenleven_ Deel 11
   Laten we in vrede samenleven_ Deel 10
جميع حقوق النشر محفوظة   Amrkhaled.net   1427 ©     هجرية     Managed By: ZADSolutions
برعاية