Nederlands
    Maak iets van je leven
    Ramadan 2002
    Totdat zij zichzelf veranderen
    Laten we in vrede samenleven
    Het paradijs in het gezin
* Volharding (deel 2)
Languages>Nederlands>Totdat zij zichzelf veranderen
التقيم الحالى لهذا المقال بناء على 0 رأى

Stap 14: Volharding (deel 2)

 

 

In dit hoofdstuk wil ik verder praten over volharding, en we zullen ons concentreren op het volhardend zijn in het dienen van de islaam, volharding in ons geloof. Als de hele gemeenschap de islaam vergeet, vergeet jij het dan niet. Als alle mensen om jou heen Palestina vergeten en jou vertellen dat er geen oplossing voor is, vergeet jij het dan niet en blijf volhardend. Als ze je vertellen dat Bagdad ingenomen is en dat we er niets aan kunnen doen, blijf volhardend. We hebben moslims nodig die zo standvastig als bergen zijn! Wat er ook gebeurt, ze blijven standvastig en sterk! Hoeveel aardbevingen en stormen er ook komen, ze zullen niet instorten, ze zullen niet instorten behalve in nederigheid tegenover Allah. Waarom? Waarom al deze volharding? Omdat de islaam zo waardevol is. De islaam verdient het dat we onze levens ervoor opofferen. Dat we onze levens eraan toewijden. Dit is de boodschap van vandaag: “Ik hou heel veel van de islaam. Ik zal volharden in het dienen van de islaam. Ik zal mijn vrienden er voortdurend aan herinneren en hen aanmoedigen elkaar te helpen om betere moslims te zijn. En ik zal mensen op de beste manier een goed beeld van de islaam proberen te geven.”

 

Voor de aanvang van iedere veldslag vertelde Profeet Mohammed (vzzmh) zijn metgezellen een zin of een motto, die zij voor en tijdens de veldslag bleven herhalen om vastberaden te blijven. Dus bijvoorbeeld, voor de slag Oehoed was het motto: “Jouw godsdienst, jouw godsdienst is je vlees en je bloed!” Voel je het? Voel je dat de islaam in je bloed zit? Heb je het gevoel dat als ze een druppeltje van je bloed zouden nemen en er door een microscoop naar keken, dat ze in je bloedcellen geschreven zullen vinden: “Ik hou van de islaam?”

 

Blijven we volhardend in de situatie van Irak? Of koelen we op dezelfde manier af zoals we afgekoeld zijn met betrekking tot Palestina?

 

In de Qoer'aan herinnert Allah ons aan volharding en moedigt ons aan om standvastig te zijn. Allah zegt, hetgeen vertaald kan worden als: “O, gij die gelooft, blijft standvastig wanneer gij een leger (van ongelovigen) ontmoet en gedenkt Allah vaak, opdat gij moogt slagen.” (VBQ 8:45) Onze hele gemeenschap ervaart een het, niet alleen in Irak of Palestina, het is de hele gemeenschap. Daarom moeten we allen standvastig zijn op de manier waarop Allah ons gebood.

 

Allah zegt ook, hetgeen vertaald kan worden als: “Er zijn vele profeten geweest aan wier zijden talrijke aanbidders van de Heer streden. Zij verslapten door niets wat hen op de weg van Allah overkwam, noch verzwakten zij, noch vernederden zij zich. En Allah heeft de geduldigen lief. En hun woord was slechts: 'Onze Heer, vergeef ons onze zonden en de buitensporigheden in ons gedrag en maak ons standvastig en help ons tegen het ongelovige volk.' Daarom gaf Allah hun de beloning van deze wereld, evenals een goede beloning in de volgende en Allah heeft degenen die goeddoen, lief.” (VBQ 3:146-148)

 

Zie je hoe volhardend zij waren en hoe Allah hen beloonde? “Daarom gaf Allah hun de beloning van deze wereld, evenals een goede beloning in de volgende.” Kun jij zoals deze mensen zijn?

 

Luister naar dit vers, hetgeen vertaald kan worden als: “En toen de mensen tot hen zeiden: ‘De volkeren hebben zich tegen u verzameld, vreest hen daarom,’ vermeerderde dit hun geloof en zij antwoordden: ‘Allah is ons genoeg en Hij is een uitstekende Beschermer.’ Daarom keerden zij met de gunst en genade van Allah terug, geen kwaad had hen aangeraakt en zij volgden Allahs welbehagen; en Allah is de Heer van grote overvloed.” (VBQ 3:173-174) Zij waren volhardend, en uiteindelijk werd hen zelfs geen kwaad gedaan! Zie je hoe Allah degenen die volharden, beloont? Hij schenkt hen uiteindelijk de overwinning. Het vers erna is heel interessant, het zegt, hetgeen vertaald kan worden als: “Satan alleen maakt zijn vrienden bang: vreest dezen niet maar vreest Mij, als gij gelovigen zijt.” (VBQ 3:175) Uiteindelijk is elk gevoel van angst voor de vijand slechts slechte ideeën van sjaitaan (satan), dus negeer het en wees standvastig en volhardend. Jij staat aan de zijde van de waarheid! Waarom vermeldt Allah (VVIH) deze verzen in de Qoer'aan? Onze Heer moedigt ons aan en vertelt ons om nooit op te geven. Hij beloont degenen die volhardend zijn.

 

Als je enkel leeft om te eten, te drinken en een gezin te hebben, zul je klein leven en klein sterven, en zal je leven zinloos zijn. Maar als je leeft voor de islaam en sterft voor de islaam, zul je groot leven en groot sterven, en zal je leven de beste betekenis ooit hebben: het dienen van Allahs godsdienst! Dus vandaag vertel ik je over enkele situaties in onze geschiedenis om je mensen te laten zien die ertoe bereid waren hun leven voor de islaam op te offeren.

 

Profeet Mohammed (vzzmh) zei eens: "Lang geleden was er een koning onder de mensen die een tovenaar in dienst had. Hij was oud aan het worden en zei tegen de koning: 'Ik ben oud, breng me een jongeman aan wie ik mijn magie kan leren.’ Dus stuurde de koning hem een jongeman om te onderwijzen. Op zijn weg naar de tovenaar ontmoette de jongeman een monnik. De jongeman ging zitten en luisterde naar hem. Hij was zo blij met wat hij hoorde dat hij een hele tijd bij hem bleef, zodat hij te laat kwam op zijn les en de tovenaar hem sloeg. De jongeman klaagde bij de monnik, die tegen hem zei: 'Wanneer je bang bent voor de tovenaar, vertel hem dat je volk je tegenhield, en wanneer je bang bent voor je volk, vertel hen dat de monnik je tegenhield.’ Zo ging het een hele tijd door, totdat de jongeman op een dag een enorm beest tegenkwam dat de weg blokkeerde, zodat niemand kon passeren. De jongeman dacht bij zichzelf: 'Nu heb ik een manier om uit te vinden wie de beste is, de tovenaar of de monnik.’ Dus raapte hij een steen op en zei: 'Heer, als de weg van de monnik U meer behaagt dan de weg van de tovenaar, zorg dan dat het beest sterft zodat de mensen kunnen passeren.’ Toen gooide hij de steen naar het beest en doodde het en de mensen konden er weer langs. De jongeman vertelde de monnik wat er was gebeurd en hij zei: 'Zoon, jij hebt me overtroffen, en ik denk dat je de fase bereikt hebt dat ze je kwaad kunnen doen. Moest dit gebeuren, onthul mijn verblijfplaats dan niet.’ De jongeman begon met de toestemming van Allah mensen van blindheid, lepra en allerlei soorten ziekten te genezen. Het nieuws van de wonderen bereikte een blinde hoveling van de koning. Dus ging hij met vele geschenken naar de jongeman toe, al zeggende: 'Dit alles zal van jou zijn als je mij kan genezen.’ De jongeman antwoordde: 'Ik kan niemand helpen. Het is Allah die geneest. Als je van het geloof in Allah getuigt, zal ik voor je bidden en zal Hij je genezen.’ Dus geloofde de blinde man in Allah en Allah genas hem van zijn blindheid. Nadat zijn zicht hersteld was, ging hij naar de koning toe en zat bij hem, zoals gewoonlijk. De koning vroeg: 'Wie heeft je je zicht teruggegeven?’ De man antwoordde: 'Mijn Heer.’ De koning vroeg: 'Heb jij een andere Heer dan mij?’ Hierop antwoordde hij: 'Allah is jouw Heer en mijn Heer.’ Toen hij dit hoorde, beval de koning om de man te martelen totdat hij de naam van de jongeman onthulde. De jongeman werd naar de koning gebracht en de koning zei tegen hem: 'Zoon, ben je zo vakkundig in de magie dat je blinden, lepralijders en andere ziekten kan genezen?’ De jongeman antwoordde: ‘Ik genees niemand, het is Allah die geneest.’ Toen werd ook hij gemarteld totdat hij de verblijfplaats van de monnik onthulde, die eveneens opgeroepen en bevolen werd om zijn geloof openlijk te verwerpen. Hij weigerde. De koning liet een zaag halen, die op het hoofd van de monnik werd geplaatst, en in tweeën werd gezaagd. Toen liet de koning zijn hoveling halen en werd ook hem bevolen zijn geloof te herroepen. Hij weigerde, en werd dus ook in tweeën gezaagd. Hierna werd de jongeman naar voren gebracht en hem verteld zijn geloof te herroepen, maar net zoals de anderen weigerde hij. De koning zei tegen zijn onderdanen: 'Neem hem mee naar die en die berg. Als hij nog steeds weigert om zijn geloof te herroepen, gooi hem dan van de top!’ De mannen van de koning namen hem mee naar de berg en klommen naar de top. Daar richtte de jongeman een nederig verzoek tot Allah, zeggende: 'Heer, red me van hen op welke wijze U wilt.’ Aldus begon de berg te beven en de mannen vielen ervan af. De jongeman keerde terug naar de koning, die vroeg: 'Wat is er met je begeleiders gebeurd?’ Hij antwoordde: 'Allah heeft me van hen gered.’ Dus werd hij aan een andere groep mannen overgedragen, die hem op een groot schip naar het midden van de zee moesten brengen. En als hij nog steeds zou weigeren om afstand van zijn geloof te nemen, moesten ze hem in zee gooien. De mannen van de koning namen hem mee en hij richtte zich opnieuw nederig tot Allah, zeggende: 'Allah, red me van de mensen op de wijze die U wilt.’ Toen zonk de boot en verdronken ze, behalve de jongeman die terugkeerde naar de koning. De koning vroeg: 'Wat is er met je begeleiders gebeurd?’ Hij antwoordde: 'Allah heeft me van hen gered.’ Hij voegde daaraan toe: 'Je zult me niet kunnen doden tenzij je doet wat ik je zeg.’ De koning vroeg: 'Hoe dan?’ De jongeman antwoordde: 'Verzamel de mensen op een open plaats en maak me vast aan de stam van een palmboom. Neem dan een pijl van mijn pijlkoker en plaats deze in het midden van een boog en zeg: 'In de naam van Allah, de Heer van deze jongeman’, en schiet dan op mij. Als je dit doet, zul je me doden.’ De koning deed wat hij zei. De mensen werden op een open plaats verzameld en de jongeman werd aan de stam van een palmboom vastgemaakt. De koning nam een pijl van zijn pijlkoker, en plaatste deze in het midden van de boog en zei: 'In de naam van Allah, de Heer van deze jongeman’, en hij schoot. De pijl raakte de jongeman in het midden van zijn voorhoofd. Hij hief zijn handen op tot zijn voorhoofd en stierf. Toen de mensen dit zagen, verklaarden ze: 'Wij geloven in de Heer van deze jongeman.’ Tegen de koning werd gezegd: 'Kijk, wat je vreesde is gebeurd, de mensen geloven!’”

 

Waarom doorstond deze jongen dit allemaal? Waarom ontsnapte hij niet gewoon nadat het hen mislukte om hem van de berg af te gooien? Hij wilde dat de hele stad in Allah geloofde, en hij was bereid om ervoor te sterven. Hij offerde zijn leven op zodat de mensen zouden beseffen dat er geen god aanbeden dient te worden behalve Allah. Alle lof zij Allah, niemand van ons zal dit hoeven mee te maken, maar zulke verhalen worden verondersteld ons een duw te geven om nog meer volhardend te zijn. Hij was slechts een jongen, en kijk hoe standvastig hij was.

 

Het tweede verhaal is dat van één van Profeet Mohammeds metgezellen, Choebaib ibn-Adiej (mAtmhz[1]). Hij werd ontvoerd door de ongelovigen van Mekka en ter dood veroordeeld. Adiej werd naar voren gebracht om opgehangen te worden, en werd gevraagd: “Wat is jouw laatste wens, Choebaib?” Hij zei tegen hen: “Ik zou twee rakaat (eenheden van het gebed) willen bidden.” Dus stond hij op, verrichtte de rituele wassing, bad twee rakaat, en vertelde hen toen: “Bij Allah, als je niet zou denken dat ik de dood vreesde, dan zou ik de twee rakaat van mijn gebed langer hebben gemaakt.” Toen lieten ze hem opstaan om hem op te hangen, en hij verrichtte een smeekbede tegen hen: “O Allah, tel hen één voor één, dood hen en laat hen zo verdwijnen, en laat geen enkele van hen achter.” Ze vroegen: “Wilde je dat Mohammed in jouw plaats opgehangen wordt zodat jij bij je familie en je rijkdom bent?” Hij zei: “Nee! Bij Allah, ik wens niet dat de Boodschapper van Allah (vzzmh) pijn heeft, zelfs niet van een doorn, en dat ik dan bij mijn familie en mijn rijkdom zou zijn.”

 

Opnieuw zeg ik niet dat we dit zullen meemaken, maar zulke verhalen moeten iets in ons hart wakker schudden. De islaam is zo waardevol! Al-Qoeds (Jeruzalem) is zo waardevol, en Bagdad, ooit de hoofdstad van de moslimgemeenschap is zo waardevol!

 

Het laatste verhaal is door Djibriel (Gabriël) tijdens de reis van al-israa en al-miraadj[2]

 aan Profeet Mohammed (vzzmh) verteld. Op deze reis rook de Profeet (vzzmh) een hele aangename geur. Hij vroeg Djibriel naar deze geur en Djibriel vertelde hem dat deze goede geur van het graf van de kapster van de dochter van de farao afkomstig was. Deze vrouw was een goede, vrome gelovige. Op een dag, terwijl ze het haar van de farao's dochter kamde, viel de kam uit haar hand. Hierop zei ze: “Bismillah (in de naam van Allah).” De farao's dochter vroeg haar: “Papa?” Toen ze ‘nee’ zei, vroeg de dochter: “Heb jij een god die niet mijn vader is?” De vrouw zei: “Ja, mijn Heer en de Heer van jouw vader is Allah.” De farao's dochter vertelde haar vader wat er gebeurd was. De farao eiste dat de vrouw afstand van de islaam nam, maar ze weigerde. Daarop dreigde de farao haar kinderen te vermoorden. Hij bracht een grote pot water en stookte er een groot vuur onder. Toen het water kookte, bracht de farao haar kinderen en gooide de één na de ander in de pot. De vrouw bleef de hele tijd standvastig in de islaam. Maar toen de farao haar jongste kind wilde grijpen, een kleine jongen die nog borstvoeding kreeg, voelde ze medelijden met hem. Ze dacht eraan om de farao te gehoorzamen. Op dat moment stelde Allah dit kind in staat om te spreken. Hij zei tot zijn moeder: “O moeder, wees geduldig. De marteling van het hiernamaals is veel heviger dan de marteling van dit leven. En wees niet onwillig, want jij hebt gelijk.” Dit wonder gaf haar volharding en haar baby werd in het kokende water gegooid en zij stierf op dezelfde wijze. Ze stierf als een martelaar. De goede geur die de Profeet rook, kwam van haar graf, als blijk van haar hoge status. Zie je hoe Allah degenen die in hun geloof volharden beloont?

 

In dit hoofdstuk heb ik geprobeerd enkele voorbeelden te tonen van mensen die volhardend waren en hun leven voor de islaam opofferden. Het enige wat ons gevraagd wordt om te doen, is om volhardend te zijn en tot Allah te blijven bidden en om Zijn hulp te vragen. En om te blijven proberen onszelf te veranderen, omdat tenzij we onszelf veranderen, Allah de gehele toestand van onze gemeenschap niet zal veranderen. Zei Hij niet, hetgeen vertaald kan worden als: “Voorzeker, Allah verandert de toestand van een volk niet voordat zij hetgeen in hun hart is veranderen.” (VBQ 13:11)

 


 

[1] Moge Allah tevreden met hem zijn.

[2] De nachtelijke reis van de Profeet Mohammed (vzzmh) van Mekka naar al-Qoeds (Jeruzalem) en zijn hemelvaart naar de zevende hemel.

AmrKhaled.net © جميع حقوق النشر محفوظة
Dit artikel mag voor privé-doeleinden
  gepubliceerd en gekopieerd worden, zolang de oorspronkelijke bron vermeld wordt. Voor alle andere doeleinden is vooraf schriftelijke toestemming van de administratie van deze website nodig.

Voor informatie: dar_altarjama@amrkhaled.net

تنبيه:لن يتم قبول التعليقات التي بغير اللغة العربية أو الانجليزية**
أضف تعليق
الاسم
البريد الالكترونى

*فقط من أجل التواصل ولن يتم عرضه بالموقع.
عنوان التعليق
التعليق

*الحد الأقصى للتعليق هو 750 حرف.

تعليقات الزوار

--- أضف تعليق ---
طباعة المقال
إرسال المقال لصديق
متصفح ملفات اﻷكروبات
متصفح ملفات اﻷوفيس
   * Volharding (deel 2)
   Volharding (deel 2)
جميع حقوق النشر محفوظة   Amrkhaled.net   1427 ©     هجرية     Managed By: ZADSolutions
برعاية